Jeugdwerkloosheid in perspectief: van een werkloos volk naar een werkloze menigte?

Het is een triviale stelling dat werkloosheid een onwenselijke, gevreesde en liefst te vermijden situatie is. Wanneer men dus vraagt of jeugdwerkloosheid altijd al een probleem geweest is, heeft deze vraag niets te maken met de vraag of het überhaupt een probleem is, want dat is het, maar alles met de vraag wat voor soort probleem het is en of het altijd al hetzelfde probleem geweest is. Concreter gaat het hier over de vraag: is er vandaag de dag geen verandering opgetreden in de aard van het probleem van (jeugd)werkloosheid?

1.       De geschiedenis van de werkloosheid

Als men de geschiedenis van de werkloosheid bekijkt zijn er twee opvallende zaken vast te stellen. Allereerst dat het concept van werkloosheid van relatief recente datum is. Het is een begrip van de moderne tijd, dat pas echt in zwang raakte bij de industriële revolutie. Voor de 18e eeuw hanteerde men veeleer verzameltermen zoals ‘landloper’ die verschillende soorten randfiguren verzamelde, waaronder de werklozen. Pas bij een verdere disciplinering van de maatschappij, waarin ze werd georganiseerd in fabrieken, scholen en ziekenhuizen, ontstond de mogelijkheid voor de categorie van ‘werkloze’. Ten tweede kent de geschiedenis van de werkloosheid opvallende crisissen, zoals tijdens de Grote Depressie in jaren dertig van de 20e eeuw. De hedendaagse crisis omtrent werkloosheid lijkt in vergelijking daarmee kwantitatief minder erg – of althans niet erger. Tegelijkertijd zien we echter dat de hedendaagse crisis gepaard gaat met een reeks nieuwe verschijnselen, zoals verscheidene politieke bewegingen zoals de Indignados en de Arabische Lente (die startte doordat een werkloze 26-jarige man zich in brand stak). Natuurlijk waren er ook politieke bewegingen na de Grote Depressie, zoals het fascisme en het communisme. Deze bewegingen verschillen echter van de huidige, omdat zij een duidelijkere boodschap hadden en een sterke hiërarchie. Daarom komt de vraag naar voren of er geen kwalitatieve verschuiving heeft plaatsgevonden die de reacties op de huidige crisis haar uniek karakter geven.

Een cruciale factor daarin is hoe werkloosheid wordt beleefd. Zo heeft het allerlei gevolgen voor de getroffen individuen, dat was vroeger en is nog steeds zo. Traditioneel kon de werkloze echter ‘terugvallen’ op een reeks van gemeenschappen waarvan hij deel uitmaakte: zijn familie, zijn omgeving of op z’n minst zijn volk zou een steun voor hem zijn in de moeilijke tijden. Vandaag de dag vervullen nog vele van deze opvangnetten hun functie, hoewel de grootste rol nu in de handen ligt van de overheid, bijvoorbeeld via een werkloosheidsuitkering. Toch kan men zich afvragen of er zich een reeks verschuivingen aan het voordoen zijn, die deze opvangnetten problematiseren. En dan gaat het niet enkel over de steeds toenemende druk op de sociale zekerheid, maar ook over de andere netwerken zoals, familie en traditie, die steeds meer onder druk komen te staan.

2.       De analyse van Paolo Virno

Hoe moeten we deze verschuivingen duiden? Hier zal dat gebeuren aan de hand van het werk van Paolo Virno, een Italiaans filosoof, die zich heeft beziggehouden met de verschuiving van het fordisme naar het postfordisme. ‘Fordisme’ verwijst hier naar de klassieke economische toestand zoals we die in de fabrieken van Ford hebben kunnen aanschouwen: een reeks arbeiders die op vaste uren, op een vaste plaats, een reeks vaste taken verrichten aan de lopende band. Volgens Virno is deze periode echter voorbij en leven we thans in het ‘postfordisme’. We kunnen bijna spreken van een andere economische organisatie waarin de lopende band niet meer de dominante werkvorm is, maar die taak veeleer ligt bij de nieuwe ‘creatieve’ banen zoals die binnen de informatica en marketing.

Occupy_London_TentVirno typeert deze verschuiving op allerlei wijzen, maar diegene die hier van belang is, beroept zich op de begrippen ‘vrees’ en ‘angst’. Dit is een klassieke, filosofische tegenstelling die, via Martin Heidegger, teruggaat op Søren Kierkegaard. ‘Vrees hebben’ wil zeggen vrees hebben van een concreet ding, zoals een spin of de donder. ‘Angst’ daarentegen verwijst naar een diepere ervaring, die niet op iets concreets is gericht, maar in feite de hele ervaring van de wereld doordringt. Alles lijkt binnen de angst op het spel te staan, het hele leven wordt er door aangetast. Heidegger zou zeggen dat men wordt geconfronteerd met het ‘niets’: alles wat men in het leven eens zo belangrijk vond verliest zijn waarde. Dit kan misschien het best worden verduidelijkt met een voorbeeld, namelijk angst in het donker. De angst die men ervaart in het donker is niet zozeer gericht op een of ander object, maar op de wereld als zodanig, die als bedreigend verschijnt.

Als men dit nu op het concept van ‘werkloosheid’ toepast, dan is men geneigd te stellen dat dit onder de categorie van ‘vrees’ valt: men heeft de concrete vrees geen baan te vinden en dus uiteindelijk geen geld meer te hebben om rond te komen. Het tast ‘slechts’ een aspect van het leven aan: de economische toestand. Het lijkt de andere domeinen, zoals identiteit, onaangetast te laten. Volgens Virno echter vervaagt het onderscheid tussen vrees en angst binnen het postfordisme, waardoor deze stelling niet meer lijkt op te gaan. Werkloosheid lijkt verder te gaan dan slechts vrees voor de economische toestand. Werkloosheid lijkt tegenwoordig gepaard te gaan met een gehele destabilisering, zowel sociaal als psychologisch, van het individu.

Ter verklaring van deze vervaging zijn er meerdere gronden aan te geven. Allereerst is het zo dat de klassieke vormen van gemeenschappelijkheid vandaag ofwel verdwenen dan wel problematisch geworden zijn. In tegenstelling tot vroeger kan men zich niet meer onproblematisch Vlaming, socialist of westerling noemen. Vele mensen identificeren zich niet meer eenduidig met hun traditie of hun land. Bij werkloosheid is er dus geen duidelijke gemeenschappelijkheid meer om op terug te vallen waarbinnen men deze tegenslag betekenis kan geven. De nog bestaande gedeelde kaders zijn daarnaast ook steeds bedreigd, kwetsbaar of veranderlijk. Er is geen stabiel binnen waar men zich kan afsluiten van het instabiele buiten. Het binnen is evengoed instabiel geworden: elk bedrijf kan makkelijker dan ooit failliet gaan, elke traditie kan sneller dan ooit verdwijnen. Een derde element is nog dat elke vorm van bescherming of gemeenschappelijk tegenwoordig zelf als een potentiële bedreiging wordt beschouwd. Elke traditie heeft zijn donkere kantjes. Dat heeft de geschiedenis geleerd, die aantoonde dat het onderschrijven van een gedeeld kader makkelijk tot xenofobie, blind volggedrag en tot gruwelijkheden zoals Auschwitz kan leiden. Dit lijkt ook op te gaan voor het hedendaagse gedeelde kader van het westerse kapitalisme, dat haar schaduwzijde begint te tonen: de wreedheid van de rationaliteit in de carrièrevorming en concurrentiestrijd komt op vele jonge individuen over als vervreemdend en weerzinwekkend.

Virno stelt dat men hierdoor niet meer kan spreken van een ‘volk’ waarvan de werklozen deel zijn en op kunnen terugvallen met hun moeilijkheden. Samen met een reeks andere Italiaanse filosofen spreekt hij liever over een ‘menigte’. Een volk wordt samengehouden door de transcendente soeverein of de staat, die instaat voor een zekere gemeenschappelijkheid. Door de koning weet men aan wie men trouw is en de overheid wijst er vaak genoeg op dat we allemaal Belgen zijn. Een menigte wordt daarentegen van onderuit gevormd: spontaan door de mensen zelf. Hierdoor ontbeert het echter wel een gedeeld kader  en een duidelijk hiërarchie in haar organisatie waarmee het zich kan identificeren. Het kenmerkt zich net door een sterk cynisme en opportunisme met betrekking tot regels, idealen en systemen. Als men zich tegenwoordig al met bepaalde groepen verbindt, is dit vrijblijvend en met het volle besef dat men niet geheel met deze groep samenvalt en dat men er ieder moment mee kan breken. Dit merken bijvoorbeeld de vakbonden en politieke partijen, die steeds minder mensen aan zich kunnen binden.

3.       De werkloze menigte

Het zijn deze elementen die zich ook duidelijk aftekenen in deze eerder genoemde verzetsbewegingen zoals de indignados. Ze lijken ongeorganiseerd en eerder spontaan ontstaan dan van bovenuit vormgegeven. Het is dan ook mogelijk de stelling te verdedigen dat het voorwerp van de zorg van vele (jonge) werklozen geen vrees meer is, een vrees voor economische armoede, maar een angst. Een angst die voortvloeit uit deze toenemende werkloosheid en het gebrek aan perspectieven. Ze missen een groter kader waarbinnen ze deze tegenslag kunnen duiden. Deze verzetsbewegingen willen dan ook niet enkel nieuwe jobs, maar een totale overdenking van de samenleving. Ze richten zich niet enkel tegen een bepaalde wet of belasting. Men verwijt hen regelmatig dat hun doelstellingen niet duidelijk zijn, maar dat komt misschien net doordat hun situatie niet gekenmerkt wordt door een vrees voor een concreet object, maar een angst die zich niet eenvoudig op iets laat richten. Als ze al tegen iets ageren, dan is het tegen het ‘gehele economische systeem’. Hun antwoord lijkt daarom ook vaak een vorm van exodus  te impliceren: een soort terugtrekken uit de staat (maar paradoxaal blijven ze natuurlijk binnen de staatsgrenzen) vanwege een diep wantrouwen tegenover haar legitimiteit en effectiviteit. Dit ziet men bijvoorbeeld aan het werk in de bezettingen  van pleinen of parken, zoals door de vele Occupy-bewegingen,  die ware ‘autonome communes’ worden binnen de staat.

In die zin kan men dus stellen dat de hedendaagse jeugdwerkloosheid en de protesten daartegen een kwalitatief ander karakter beginnen te krijgen, dan traditioneel het geval is geweest. Het gaat om een angst met betrekking tot het totale bestaan, eerder dan een vrees voor ‘enkel’ de werkloosheid. De verzetsbewegingen zijn anders, hun eisen zijn anders, dus moeten ook de antwoorden hierop anders zijn dan klassiek het geval is geweest.

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s